Een week New York is als een stoomcursus: “wie ben ik, wat wil ik en hoe wil het het”. Sinds ik hier ben en afstand kan nemen van mijn vaste omgeving, of je het nu wilt of niet, maakt deze stad alles in je los.
Na een aantal dagen ‘the touristic thing’ te hebben gedaan, merk je dat je in week 2 in een andere staat van zijn terecht komt. Je neemt wat tijd om de dingen te laten bezinken.
Gisteravond hadden we (Freek en ik) een etentje met Nate Wooley, NY trompettist. Nate had ik vorig jaar in Nederland leren kennen bij een CD opname en heb altijd contact met hem gehouden. Erg leuk om hem weer te zien.
Nate is opgegroeid in een klein vissersdorp en heeft enige jaren in Denver gebivakkeerd. Uiteindelijk heeft hij een aantal jaar geleden besloten om zich in New York te vestigen. Hoewel hij in Jersey woont, waar veel musici wonen vanwege aaantrekkelijkere huurlasten, is hij als musicus werkzaam in New York. Sinds een jaar heeft hij een 40-urige baan als database medewerker, omdat zijn vrouw binnenkort ontslag neemt. Hij combineert nu een vaste baan met zijn optredens. Regelmatig gaat hij na het werk naar een gig, soms wel twee per avond.
Ik wilde graag weten wat hem naar New York bracht.
“Because I get my ass kicked. De competitie is moordend en het speelniveau zo hoog dat ik blijf werken aan mijn spel en mijn techniek. Er zijn hier zoveel zeer getatenteerde musici dat ik het me niet kan veroorloven lui te worden. Zo houden we elkaar hier scherp. In Denver was ik een van toonaangevende trompettisten en had ik nooit de ontwikkeling doorgemaakt die ik hier in NY doormaak”.
Omdat Nate weinig tijd had en door moest naar een optreden aan de andere kant van de stad hebben we een afspraak gemaakt voor volgende week voor een uitgebreider interview.
Na het geweldige (veganistische) eten , zijn we naar een concert gegaan in The Stone, een jazzclub opgezet door John Zorn. Elke maand heeft deze club zijn eigen curator/programmeur. The Stone zit op Avenue C, vlakbij het appartement waar we nu in zitten (op east 7th street, midden in de Lower East Side). Van buiten lijk je tegen een dichte kruidenierswinkel aan te kijken, niets lijkt eropdat we hier voor een jazzclub staan. Eenmaal de deur geopend en binnen treden, zien we een 60 tal stoelen opgesteld en een klein podiumpje. We zijn op de goede plek. The cover is 10 dollar (8 euro), en we nemen plaats. We zien percussie, een gitaar en en microfoon. Als Katie McGarry eenmaal begint te zingen, begeleid door de gitarist Keith Ganz en percussionst Clarence Penn worden we volledig van onze stoel weggeblazen. Een geweldige time en sound, liedjes gebracht in hun mooiste eenvoud, maar zo kernachtig. De hectiek van de grote stad is compleet verdwenen. We zitten in een muzikaal warm bad en ik heb het ultieme NY gevoel: dit is wat je hier wil horen en meemaken. Een uur lang zijn we in een andere wereld en ik krijg ontzettend veel zin om zelf weer aan de slag te gaan.










